Chilatherina crassispinosa

Weber, 1913

 

Chilatherina crassispinosa – © foto: Gerald Allen

 

Soortbeschrijving

Chilatherina crassispinosa heeft een zilverachtig lichaam, naar blauw verlopend aan de rugzijde en naar wit aan de buikzijde. De vinnen zijn doorschijnend, behalve de anaalvin, de buikvinnen en de basis van de tweede rugvin die vaak geelachtig zijn bij mannen. De rugvin en de onderzijde van de staartvin hebben een smalle zwarte rand. De mannen hebben smalle oranje strepen op de flanken, één tussen elke schubbenrij en zijn doorgaans breder gebouwd dan de vrouwen. Mannen hebben een intensere kleuring, vooral met betrekking tot de oranje strepen en de gelige kleur van de verticale vinnen. Chilatherina crassispinosa lijken op Chilatherina bulolo, maar hebben een puntiger kop, hogere eerste rugvin en een smallere plek op de kop tussen de ogen. De maximale afmeting van de mannen is tot 10 cm, van de vrouwen tot 8 cm.

 

Verspreiding en leefgebied

De vissen zijn bekend van de zijrivieren in de uitlopers van het Torricelli-gebergte aan de noordelijke kant van het stroomgebied van de Sepik River. Ze komen ook voor in de bovenloop van de Ramu River en beekjes en stroompjes in de Bewani-bergen die uitlopen in de Neumayer River, beide in Papoea-Nieuw-Guinea, ten noorden van de Sepik River. Het gebied loopt door tot in noordelijk West-Papoea waar de soort bekend is van verschillende kuststromen net ten westen van Jayapura en van een paar verspreide locaties in het Mamberamo-stroomgebied. Deze soort werd aanvankelijk verzameld uit de Tawarin River, West-Papoea in 1903. De soort is ruim verspreid in noordelijk Nieuw-Guinea en wordt aangetroffen in de stroomgebieden van de Markham River, Gogol River, Ramu River, Sepik River, Pual River en Mamberamo River. Ze komt ook voor in een aantal kleinere onafhankelijke riviertjes langs de noordelijke kust.

Chilatherina crassispinosa wordt aangetroffen in langzaam stromende beekjes en kleine poeltjes met helder water, waarvan de temperatuur tussen de 24 en 28 °C ligt met een pH van 7,5 tot 8,5. Deze stromen zijn doorgaans gelegen in heuvelachtig regenwoudgebied. De vissen komen samen in open delen van het water, die het grootste deel van de dag aan zonlicht zijn blootgesteld. Andere regenboogvissen die soms samen met deze soort worden aangetroffen zijn Chilatherina lorentzi, Chilatherina fasciata en Melanotaenia affinis.

 

Opmerkingen

Deze soort was eerder vastgesteld als afkomstig uit het Markham-riviergebied van Papoea-Nieuw-Guinea door Allen en Cross (1982), maar in een vervolgverslag door Allen (1983) werd aangetoond dat de Markham-populatie een zuivere soort was; Chilatherina bulolo. Levende exemplaren werden verzameld in 1980 en 1983 en getransporteerd naar Australië. Maar ze waren nooit populair of ruim beschikbaar en hun status in de hobby is tegenwoordig onzeker.

 

Literatuur

- Allen, G.R. (1983). Chilatherina bulolo a valid species of rainbowfish (Melanotaeniidae) from northern New Guinea. Fishes of Sahul 1(2): 13-17.

- Allen, G.R. and Cross, N.J. (1982). Rainbowfishes of Australia and Papua New Guinea. T.F.H. Publications (New Jersey, U.S.A.).

 

Bron: Home of the Rainbowfish
Auteur: Adrian R. Tappin
Vertaling: Jan Altink